Okselfris en paranormaal de finale in

Op het moment dat jullie deze letters lezen is het er dan toch van gekomen. Telkens als ik aan de finale dacht deze week, kreeg ik een betonblok op mijn maag en blokkeerde alles. Na deze 35 woorden op papier gebeurt het weer. Ik duizel, ben misselijk als een zwangere vrouw in de ochtend, de keel zit dicht, iedere normale vorm van denken is onmogelijk. Finalestress.

Om eerlijk te zijn is dit ook de meest ondankbare taak die ik kan bedenken. Een finale voorbeschouwen. Wetende dat ik op ieder woord gepakt kan worden. Waarbij het ‘helemaal niets in Amsterdam’ uit Rotterdam in mijn hoofd rond echoot. Wetende ook dat het labeltje hoogmoed al op ons geplakt is vanuit Eindhoven. De hongerige wolven wachten op ons. Klaar om ons te verslinden. Hopend op een knullige uitglijder van ons geliefde Ajax. Ze hopen op lege handen. Op pijn, verdriet, op een afgang.

Die uitglijder, daar zit mijn grootste angst. Dat we tegen die vervelende ploeg uit Manchester in het mes lopen. Dat is het rare ook van het menselijke hoofd, want de ene keer kijk ik rationeel naar zaken, dan gebeurt het vanuit de emotie en als mijn lichaam en brein het echt niet meer weten kijk ik er op een paranormale manier naar. Ik word er gewoon gek van mannen. Al die denklijnen in mijn hoofd, die alles blokkeren en lam leggen. Alsof er meerder personen tegen mij praten. Continu. Ondraaglijk. En de tijd? De tijd kruipt voorbij als een zeggekorfslak. Je kunt zes keer kijken, maar op de wijzerplaat vindt geen beweging plaats.

Al die denklijnen in mijn hoofd, die alles blokkeren en lam leggen.

Misschien is dat ook wel een houvast voor deze blog. Om zowel rationeel, als emotioneel als paranormaal naar de finale te kijken. Zodat ik niet kan ontsporen. Zodat ik geen hyperbolen gebruik om dit stuk te overleven, terwijl ik met malende tanden en met overtollig maagzuur blijf tikken (ik wou dat dit een hyperbool was). Ik weet dat mijn hartslag nu op 150 zit. In rustende positie. Mijn lichaam handelt als een Boot Camp Burner.

De ratio. Kunnen we Manchester aan? Om eerlijk te zijn: United is een matige ploeg als collectief, met grote, creatieve namen in de gelederen, waarvan er een paar ontbreken. Gijp heeft het als een eerder gezegd: United als tegenstander zou een zege zijn. Omdat hij de ploeg van Mourinho een lelijk en zwak eendje vindt, dat aan de kant van de oever twijfelt of hij zich voor een auto werpt of gaat voor de verdrinkingsdood. En toegegeven: ik heb ze dit seizoen een paar keer gezien. Zelden was ik onder de indruk. Maar het blijft wel United. Onberekenbaar, onvoorspelbaar en altijd klaar om alsnog toe te slaan.

Nog meer ratio: Feyenoord won knap van deze ploeg. De Noord-Engelsen traden weliswaar niet aan in de sterkst denkbare variant, maar er werd gewonnen. Dan even een koppeling naar de kersverse landskampioen: we pakten vier punten tegen Feyenoord. Dat biedt hoop toch? Dat verband mogen we leggen of niet? Of wint de emotie het hier van de ratio?

Celta dan. In de halve finale maakten ze het United nog verdomd lastig. Ik denk dat Guidetti een volgende ontmoeting met Ajax niet zag zitten. Dat-ie bang was. Bang voor het Rotterdamse legioen. Een paar tellen voor het laatste fluitsignaal in de halve finale tegen Manchester, kreeg hij het ticket naar Stockholm op een presenteerblaadje. In de vorm van een niet te missen kans voor een nagenoeg open goal. Hij faalde gigantisch. Dat kan niet anders dan opzet zijn. Hij wist dat zijn Celta het opnieuw zou afleggen tegen ons Ajax. Hij dacht in een fractie van een seconde aan wat dat voor Rotterdam zou betekenen. Dus was hij vastbesloten: ik verpruts deze kans.

Is het gek dat we vier punten behaalden tegen Celta in de voorronden? Natuurlijk niet, er is een duidelijke (rationeel en causaal) verband met Feyenoord. In de hoedanigheid van Guidetti. Natuurlijk waren het vier punten. En een denkstap verder: als Celta het kan en het bewust niet doet, dan zijn er ook kansen voor ons. Toch? Daar is geen vinger tussen te krijgen.

Lekker hangen, de rijen sluiten en wachten op die ene fout.

En als ik echt nadenk, en de dingen zie die ik wil zien, dan zie ik in Manchester een soort van PSV. Een ploeg die op papier goed kan voetballen en aanvallend best veel kan. Maar net als bij de Eindhovenaren is dat niet altijd de voornaamste tactiek. Lekker hangen, de rijen sluiten en wachten op die ene fout. Hyena-voetbal. Zelf nooit je slag slaan, maar anderen het werk laten doen om aan je prooi te komen. Ik weet niet of dit een hoogmoed-redenatie is, maar het zij zo. De wedstrijden tegen PSV zijn altijd een loterij. Een loterij waarvan we vaak het winnende ticket hadden. Dus waarom zou het niet kunnen tegen United?

Rationeel gezien maken we kans. Dat is een voorzichtige conclusie die ik durf te trekken.

De emotie dan. Op dat vlak zit het wel snor. Dat vind ik de fijnste persoon in mijn hoofd. Ik heb deze week hele waardevolle dingen gelezen. Kluivert die volop in de aandacht staat en als 18-jarige mannetje handelt als een volwassene. Nee, hij wil niet over zijn vader praten. Daar is hij heel bewust mee bezig. Nu ineens niet. Daar kun je alles bij denken. Voor mij: het is de instelling van een prof.

Sanchez laat zich met die prachtige kop ontglippen dat hij iedere wedstrijd speelt alsof het zijn laatste is. Dat houdt hem scherp. Dat is zijn wapen en ik zuig de doping uit die woorden. Ik put er moed uit. Moed voor een lichaam gevuld met adrenaline en onzinnige angst.

Of neem De Ligt die rustig in een stoel als een ijskonijn mompelt dat hij nog geen kriebels kent. Ontspannen leeft hij naar Stockholm toe. 17 jaar en hij is al zoveel verder dan ik.

Ik zie op Instagram Schöne met zijn gezin naar het strand gaan, alsof er niets aan de hand is. Emotioneel levert het allemaal kracht op. Kwaliteitskrant The Mirror zorgde ook voor een boost in het zelfvertrouwen. Nou ja, voor een paar minuten. Een journalist van de tabloidkrant luisterde naar onze trainer Peter Bosz en wist daaruit op te maken dat de druk volledig bij Mourinho ligt. Dat Ajax okselfris en vrij is. Hij heeft de ploeg op de rit, hij kijkt naar zijn jonkies en ziet dat ze die finale willen winnen. Ajax is een ‘emerging force’ dat mooi en attractief voetbal wil spelen. Het is Engelse poëzie van het kaliber Shakespeare of Shelley, als je het mij vraagt.

Dit zijn de dingen die ik nodig heb. Onze mannen maken weer een man van me. Stellen me gerust. Waardoor ik vaak strijdlustig word. Jullie kennen dat gevoel wel, dat je de schouders recht, brult, iedere bal zelf wil opvreten. De rode baan die zich uitstrekt over het midden van ons lichaam gloeit. De halfgod op ons hart komt tot leven. Twijfel wordt geloof. Angst wordt vechtlust. Dat gevoel herkennen we toch? Dapp’re strijders fier en koen. Op basis van de emoties ga ik volledig voor de winst. Sterker nog, er is geen andere optie.

Dan het paranormale gegeven. Is het niet zo dat ik de goal van Siem voorspeld had? Is het niet zo dat ik in de wedstrijd tegen Schalke riep dat een goaltje genoeg was? Het werden er twee. En let wel mensen: Char zit er ook wel eens positief naast. Blijkt de werkelijkheid nog dramatischer te zijn dan dat haar gevoel haar deed geloven. Een tweede goal dus in mijn geval.

Is het niet zo, dat toen nog iedereen met z’n ballen op het strand lag en onze jongens in Mayrhofen aan een trainingskamp begonnen, ik een visioen over 1995 had? Jullie kunnen er lacherig over doen, maar het internet vergeet niets. Het staat er, zwart op wit. En kijk waar we nu staan jongens? Wenen is Stockholm geworden.

Het zijn keiharde feiten die gepresenteerd worden als toevalligheden.

Paranormaal hebben we al diverse vergelijkingen gemaakt. De parallel tussen Kluivert jr. en sr. Beiden 18 jaar oud in de finale. Beiden beginnen vanaf de bank. En beiden….

Of neem het gegeven dat we net als toen dat het we jongste elftal in de competitie hebben. Dat de datum van de finale 24 mei is, net als in 1995. Dat een dag later opnieuw de christelijke feestdag Hemelvaart wacht. En als absoluut hoogtepunt met opnieuw een religieus tintje: Cruijff is veertien maanden dood op de dag van de finale. Tot die conclusie kwam jij ook al Thijs.

Het zijn keiharde feiten die gepresenteerd worden als toevalligheden. Maar die mij maar één ding leren: de sterren staan prachtig. Volledig in ons voordeel.

Nog een paranormaal voordeel: voor iedere finale die ik bewust kon bijwonen omdat ik oud genoeg was, viste ik achter het net voor kaarten. En ook dit jaar heb ik gedanst omdat ik verplicht in Nederland mag blijven. Fuck het toeval. Het is het lot. Ik ben blij dat we niet gaan. Iedere finale was ik in Amsterdam. In een klein kroegje in een stad waar de lucht gevuld is met verwachtingen en overmoed. Slechts één keer ging het mis. Door strafschoppen tegen nog zo’n vervelende ploeg: Juve (voor KV Mechelen was ik te jong, vind ik).

Dus ik ben blij dat we elkaar woensdag treffen in onze eigen Cor Saarloos-Arena mannen. Ons tweede thuis. Ons Ajaxhonk. Met de beste barkeepers ter wereld. Omringd door mensen die we niet kennen. Met mannen die tegelijkertijd ons lezen als beste vrienden, ondanks het gebrek aan enige persoonlijke kennis. Mannen die wij in de armen vallen. Mannen die we kussen. Mannen die ons troosten. Of wij hen. Weet je, ik keek de halve finale in Berlijn. Een kroeg gevuld met een paar Ajacieden. We hoopten samen, we vochten samen, we stierven duizend doden. Tranen van geluk. Knuffels en schouderklopjes. Het waren passanten, die voor twee uur vrienden voor het leven zijn. Door dat ene embleem op je borst. We verloren in Lyon, maar het voelde als de mooiste overwinning. Omdat je elkaar hebt, omdat je één liefde deelt.

Zo zal het woensdag niet anders zijn. We hebben elkaar. We hebben de vechtlust, de gloeiende baan en het embleem. Meer is er niet nodig. Daar komen ratio en emotie samen. Twee stemmen in mijn hoofd die je haat en tegelijkertijd zo ontzettend lief hebt. Dat is wat Ajax is. Denken, roepen, voelen en onvoorwaardelijke liefde.

En het paranormale? Ik voorzie dat PSV de beker niet in de handen houdt. Feyenoord evenmin. Ik zie Heiko Westermann als een bezetene naar een cornervlag rennen. Kluivert junior die zijn shirt omdraait en vol trots zijn rugnummer laat zien. 1740 verschrikkelijke woorden had ik nodig om bij dit beeld te eindigen mannen. Met als enige persoonlijke pluspunt dat de wijzers iets versprongen zijn.


Altijd als eerste op de hoogte van nieuwe verhalen?
Volg ons dan op Twitter of like onze Facebookpagina.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s