Nieuwe Ajaxaanvaller slaapt heerlijk

De competitie is weer begonnen. Maar dat kwam vooral tot mij dankzij mijn telefoon en jullie berichten in de Whatsappgroep. Tuurlijk wist ik dat we tegen PEC speelden, maar ik zit in een fase van mijn leven waarin je je afvraagt wat nu belangrijk is.

Ik heb geen minuut live van Ajax meegemaakt. Ik zat in een kroeg, biertjes in te checken bij Untappd. Gesprekken te voeren over hobbels in het leven. Om datzelfde leven hoopvol en succesvol te verlengen voor iemand die dierbaar is.

Je probeert je dan van zaken af te sluiten. Hoewel dat nooit volledig gaat. Een oog blijft altijd gericht op de stand. De eeuwige onrust in je lijf, alsof je iets fout doet. Dat gevoel. De ergernis omdat je niets ziet, behalve het scoreverloop. Daar gebeurde lang niets mee. Waardoor mijn gelijk bevestigd wordt. De wedstrijd is een martelgang. Het niet kijken is de beste keuze. Maar de honger blijft. De honger groeit. De ergernis ook. Dan de opluchting, de zwijgzame gebalde vuist en de zucht van verlichting bij de 0-1.

De eeuwige onrust in je lijf, alsof je iets fout doet. Dat gevoel.

Er zijn dagen dat ik wou dat ik geen fan was. Zodat ik ook niet meer hoef te lijden. Want jullie kennen dat gevoel van ongelooflijk zuur zijn op een zondag die anders verloopt dan je hoopt. De competitie is begonnen. Maar aan de situatie verandert niets. Feyenoord wint, terwijl je hoopt. PSV is niet florissant, pakt wel drie punten. En wij…tja. De competitie is weer hervat. Met dezelfde taferelen, het bijbehorende gekabbel. Een kakofonie rond een nieuw talent (Kluivert). Een zwijgende stilte rond een ander talent (Dolberg).

Het bloed kolkt omdat er maar geen grote koppen uit de vingers van Mighty Mike van de Telegraaf rollen. Ik zie onnodige optelsommen van mensen die keurig berekenen hoeveel geld we al opgehaald hebben door springende kikkers van de hand te doen. Aan de andere kant van de balans gebeurt er niet heel veel. Dus is de balans in disbalans. Net als onze selectie, zoals sommige mensen dan weer roepen.

Oh ja, David Neres, die naam wordt dan wel eens genoemd. Tuurlijk laat ik mij verleiden om filmpjes te bekijken van een man die door mensen slalomt alsof hij een propperig Italiaantje op skiën is. De Tomba La Bomba van de Braziliaanse voetbalvelden. Die door een slagveld van (getorpedeerde) mensenlichamen pingelt en bewegingen maakt die schreeuwen om een gestrekt been. Ik word er niet warm van. Omdat ik hem niet één keer de bal tegen de touwen zie rossen. Dus klik ik op het kruisje: weg van de video van niets. We hebben al een Younes, denk ik dan.

Voor de zoveelste keer kan ik hier Overmars een veeg uit de pan gaan geven. Maar ik voel die behoefte helemaal niet.

De blues nestelt zich dieper. Er is een Koeman-aanvaller met een Spaans verleden, koppen websites. Ajax heeft interesse in een bankzitter van Everton. Ja, het zijn termen die ons verplichten om te klikken. Maar zoals altijd vallen de namen van AC Milan, Middlesbrough en spat alles als een zeepbel uiteen. Never gonna happen. Het is ook niet een naam waar ik op zit te wachten. En ja, waar wacht ik eigenlijk op?

Voor de zoveelste keer kan ik hier Overmars een veeg uit de pan gaan geven. Maar ik voel die behoefte helemaal niet. Ik zit nog in de winterstop mannen. In een diepe slaap. Gevoelloos. Numb.

Ik hoor uitslagen over Burkina Faso en Marokko uit de Afrika Cup en ik weet dat Ziyech daar niet speelt en dat we daar ons heel erg druk over gemaakt hebben. Ook over het gegeven dat hij te vroeg voor Marokko heeft gekozen. Maar het deert mij allemaal niet.

Dit is ongetwijfeld het meest gezapige stuk dat deze blog herbergt. Van de andere kant: we schrijven over vreugde, verdriet en andere gedachten. In relatie tot Ajax. Die vier letters stromen door mijn aorta. Altijd. Soms wat minder bewust dan op andere momenten. Zoals nu. Maar wie denkt er nu na over zijn hartslag? Het is toch een constante waar niemand per se steeds over nadenkt?

Ik laat mijn hoofd op dit moment misschien wat meer bezig zijn met andere dingen die veel belangrijker zijn. Ik ben niet gefocust op die nieuwe aanvaller. Kunnen we hem gebruiken? Zeker! Hebben we genoeg materiaal? Ook dat. Younes kan echt wel voetballen. Heel goed zelfs. Hij heeft gewoon een probleempje en dat probleempje moet Bosz zien op te lossen. Zo simpel is dat. Is Kasper groots? Absoluut. Zijn momenten komen ook weer, daar moet Bergkamp nu met hem aan werken. Blessures van Cerny en Younes? Via een bewaard en beproefd recept worden ze onderworpen aan vleugjes Bobby-training.

bobby_haarms_hans_jouta_arena_amsterdam

Tijdens die diepe winterslaap werd ik eigenlijk door maar een paar dingen geraakt. Door een foto van Johnny Heitinga. En weten jullie waarom? Omdat ik me toen realiseerde hoeveel ik van mijn club houd. En het leven. John werd gefotografeerd door onze favoriete barkeeper Ron. De man van onze Amsterdamse thuisbasis café Wiener. Die prent, die situatie, die maakte mij gelukkig en trots. Wiener is voor ons wat café Cheers voor Ted Danson is. Een thuis. Een plek waar iedereen je naam kent. Of in elk geval de mensen achter de bar.

Een unieke kroeg met bh’s aan het plafond, met Flügelrecords op de krijtborden. Een café waar padre Cor de flessen muzikaal bespeelt boven de bar. Het is de plek waar zijn vrouw Joke ons verwent met stukjes worst, gevulde eieren, snackjes. Een etablissement dat tijdens Europese wedstrijden tot nok gevuld is met volwassen mannen in rood en wit die uit volle borst Amsterdamse klassiekers meebrullen. Dat is zo’n bijzonder tafereel dat de toeristen die op zoek zijn naar de hoeren allemaal stil blijven staan om daar een foto van te maken. Omdat niemand het thuis anders zou geloven.

Dat plekje met die geweldige mensen is speciaal voor ons. We hebben er kampioenschappen gevierd en we zagen er kampioenschappen door onze vingers glippen. Het is een café waar we een gezamenlijke liefde hebben en veel waardering voor elkaar. Iedere bezoeker is je vriend, hoewel je elkaar nooit zult leren kennen. Mensen die naar het stadion gaan, worden uitgezwaaid alsof het militairen zijn die naar het front gestuurd worden. Café Wiener. Een betere kroeg ken ik niet.

Oleguer in café Wiener

En daar was de gelukzalige bakkes van Ron op Facebook. Met naast zijn beeldvullende hoofd dat van Johnny. In zijn kroeg. In onze kroeg. Daar word ik nu gelukkig van. Daar weegt vooralsnog geen enkele nieuwe aanvaller tegenop.

De naam Grønkjær viel. Zou hij nog beschikbaar zijn?

Nog een fraai moment. Daar was jij bij betrokken Peter. Een Twitterconversatie van fans over een nieuwe vleugelspits. De naam Grønkjær viel. Zou hij nog beschikbaar zijn? Een tweetje naar Jesper ging de deur uit en de klasbak reageerde daar zélf op. De aanbieding kwam wat laat, vond hij. Hij geniet van zijn pensioen. Ik lach krom. Werd overmeesterd ook door kippenvel. Zo dichtbij staan we bij onze mannen. En zij bij ons.

tweets

Dan was er het momentje dat een moment werd. Louis heeft aangekondigd dat hij stopt als trainer. Dat kwam ook nog voorbij tijdens mijn diepe slaap. Louis is mijn held, maar dat mag je ook niet meer zeggen tegenwoordig omdat je dan automatisch in een kamp geduwd wordt.

Louis stopt. Hoe vaak heb ik de man langs de lijn zien staan? Welke momenten van geluk heeft hij me niet geboden? 1995 is een van de belangrijkste jaren uit mijn levensgeschiedenis. De karatetrap in de finale, het voelt als een Epke Zonderland momentum voor deze Hans van Zetten. Allemaal dankzij Louis. Ik kwam in een traangasbombardement terecht. Ik rende voor de ME op het Leidseplein. Allemaal dankzij Louis.

Wat een icoon is die man. Dat vond mijn andere Ajaxheld ook: Klaas-Jan. Op zijn Instagramaccount postte hij een foto van een innige omhelzing. The Hunter in Oranje. Langs de lijn daar staat magistraal, de coach der coaches Louis van Gaal. ‘Tactisch onovertroffen’. Dat waren de woorden van Klaas-Jan bij die prachtige foto. Wat een geweldig eerbetoon. Zo hoort het.

aaalouiskj

Ik rende voor de ME op het Leidseplein. Allemaal dankzij Louis.

Weet je, ik wil het dan toch gezegd hebben, ik houd ook van Johan. Heel veel zelfs. En ik mis hem. Maar hij is gepakt door iets dat mijn leven nu ook bezig houdt. Dat leert mij relativeren. Een menselijke toestand of een eigenschap waar ik doorgaans niet zo goed in ben of zelfs niet bezit. Nee, ik zit niet in een Louis-kamp. Ik zit in het Ajaxkamp. De club waarvan de fans nu naarstig naar iets zoeken. Een aanvaller die net als ik nog in een dikke winterslaap lijkt te zitten. Net als de Nederlandse competitie.

Ik heb geen idee of ons dit jaar weer een titel door de vingers glipt. Ik heb ook geen idee met welke selectie we dat gaan doen. Maar die benoemde foto’s van net en dat unieke clubgevoel, dat neemt niemand mij af. Onze kroeg, onze club, onze Johnny. Onze Louis die gestopt is als trainer. Jesper die een tweet stuurt. The Hunter die Louis eert.

Vooruit dan: onze Justin die we geboren hebben zien worden, die nu binnen de lijnen van ons veld draaft, dat raakt mij ook. Dat zijn de dingen die tellen voor mij. Dan mag onze Marc echt wel de hand op de knip houden. En is de 1-3 tegen PEC ook genoeg. Ik slaap voorlopig nog even heerlijk verder. Maak me wakker als daar reden toe is mannen. Tot die tijd let ik niet mijn hartslag.

johan_cruijff_camp_nou_stadium


Altijd als eerste op de hoogte van nieuwe verhalen?
Volg ons dan op Twitter of like onze Facebookpagina.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.